De Vlaardinger https://devlaardinger.nl/portals/0/afbeeldingen/logo-V.png

Ton Lebbink: Getijdengrens (*)

Ton Lebbink: Getijdengrens (*)

Ton Lebbink heeft verstand van dichten. Hij weet wat je met woorden kunt doen; hij weet van gewone communicatiemiddelen, want dat zijn woorden, hersen krakende combinaties te maken die je doen lachen en laten bewonderen. Met woorden spelen in het bijzonder of taal in het algemeen is zijn lust en/in zijn leven.

Ook weet hij welke onderwerpen aanslaan en de moeite waard zijn van het verpoëtiseren. Hij luistert naar iedereen, die zijn of haar mond opendoet en, binnen gehoorsafstand; dat wel, iets zegt. Zijn gekronkelde hersenen zien bijzondere combinaties, die hij noteert en er de Ton Lebbink-twist aangeeft bij het uitwerken ervan.

Zo experimenteerde hij jaren geleden met ja en nee en landen en noemde dit: Geen mening - Ja nee. Een voorbeeld? Nederland, Jaderland. Hierbij was de meest curieuze vorm: Libanon, Libaoui; Ton Lebbink buiten zijn oevers, de landsgrenzen. Een nimmer door vakgenoten geëvenaarde prestatie op geografisch dichtgebied. Dat heeft niemand hem dus nagedaan, noch ging een ander hem voor.

Aan wie het maar horen wil vertelt Ton Lebbink over zijn drijfveren, die volgens hem aan dobberend pluimvee zijn ontleend, die hem warmhouden als hij al eens ’s winters in de buitenlucht noteert, gezeten aan de rand van vijver of sloot.

Eerst probeert hij de essentie te vinden, die wordt benadrukt en hij voegt er een komische noot aan toe, die hem onderscheidt van veelal serieuze rijmelaars. ‘Die gasten moet je invriezen; Diepfriezen van een vergeten Noord-Nederlandse provincie.

In Nederland staat de poëzie op hoog niveau, maar ze zijn meest zo serieus dat het huilen je nader staat dan de gulle lach,’ meent hij. En dus volgt hij zijn opgeruimd karakter, zijn ludieke geest en speelt met taal: Kwispelen (Ik wil spelen) met taal, noemt hij dat. Al is die laatste woordspeling geleend van een Rotterdamse taalquerulant, wiens naam hem even ontschoten is.

Sinds zijn beweende verscheiden op zaterdag 14 oktober 2017 staat Ton Lebbink minder in het centrum der belangstelling en daarom deze wekelijkse bijdrage. Helaas is hij vroegtijdig de hemel in geprezen; dat juist had verboden moeten worden.

GETIJDENGRENS (*)

Oh vloedlijn.
Schemer in de ondergaande zon.
Dans op het strand.
Knabbel aan het zand.
Willekeurig.
Zoals vreugde en verdriet.
Terugkomt als de zon verschijnt.
Terug. Voor altijd terugkomt.
Voor altijd.
Tot de zon nooit meer opkomt.
Nooit meer ondergaat.
Voor altijd.
Voor altijd verdwijnt.

(*) De titel Getijdengrens is door de redactie van De Vlaardinger verzonen bij dit origineel naamloos gedicht.

Laat een reactie achter

Naam:
E-mailadres:
Reactie:
Reactie toevoegen

Meest gelezen: