De Vlaardinger https://devlaardinger.nl/portals/0/afbeeldingen/logo-V.png

Oud en aanstaand (?) judobestuurslid onterechte aantijgingen meer dan zat

Frans Hoogendijk: Van uke naar tori!

Frans Hoogendijk: Van uke naar tori!

Er zijn gevallen waarin de geschiedenis zich van judoliefhebber Frans Hoogendijk best mag herhalen. Maar niet waar het alle van rechtswege van tafel geveegde beschuldigingen over frauduleus declaratiegedrag en seksclubbezoek betreft. Ruim drieëntwintig jaar na dato weer met beschuldigingen komen? Dat riekt naar op de man spelen buiten de officiële berichtgeving om.

Hajime
Hoogendijk was van 1988 t/m 1996 voorzitter van de Judo Bond Nederland (JBN). Indertijd werd hij door de door hem in het zadel geholpen Jan Post geconfronteerd met de beschuldigingen. Onterecht, zo concludeerden Mr. J.F. van Baarsen, H.A. Paanen en Mr. F.P.J. Kuppens in een twee pagina’s groot schrijven op 9 april 1997. In het Judo Magazine van april/mei dat jaar staat het gehele verhaal.

Judo op de tatami mag dan een verdedigingssport heten, rond de bestuurstafel is aanvallen het devies; veelal zonder regels maakt op de man spelen een belangrijk onderdeel uit van de te voeren tactiek.

Ritsu-rei
Frans Hoogendijk: ‘Als voorzitter van de JBN heb ik naast invoering van professionalisering en transparantie in declaratievoering ook Jan Post voorgedragen als beoogt directeur. “Ik wil niet,” luidde in eerste instantie zijn reactie. Ik zei dat ik me sterk zou maken voor hem, met dien verstande dat hij het tot een periode van 5 jaar moest doen met de basisemolumenten, waaronder een jaarsalaris van 100.000 gulden. Daarop begon hij over een auto, gsm, etc. en dat heb ik afgekapt; dat was immers niet de afspraak.
   Als dank ging Post ondergronds. Hij vervalste bonnetjes die ik zou hebben ingediend. Gelukkig heb ik van mijn vader een ding geleerd: maak altijd kopieën. Toen hij het bewijs op tafel moest leggen kon ik hem op alle punten weerleggen. Dat gebeurde in een buitengewone bestuursvergadering. Hierop werd Post uit de vergadering gezet en aansluitend geschorst.
   De Commissie van Beroep heeft verder onderzoek gepleegd. Hieruit bleek klip en klaar dat Post deed aan valse dossieropbouw en het onder druk zetten van vrijwilligers. Na de rechtszaak via de kantonrechter kreeg hij alsnog, vanwege de toen gehanteerde formule, een afkoopsom van circa 200.000 gulden. Alle jaren als vrijwilliger, voorafgaande aan zijn post als directeur, werden meegeteld; hoger beroep is niet mogelijk.’

Za-zen
Het voorstel van het bestuur van Hoogendijk haalde het niet om een onderzoekscommissie in te stellen, waardoor datzelfde bestuur en bloc aftrad. Sinds die tijd, tot aan de dag van vandaag, zijn de vermeende malversaties van Frans Hoogendijk tot mythische proporties verheven en alles erop gericht hem in kwaad daglicht te stellen.
   Dit noopte Hoogendijk tot het indienen van een officiële klacht bij de tuchtcommissie. Die verklaarde zichzelf als commissie ontvankelijk en het hoogste orgaan, de Commissie van Beroep, stelde hem in het gelijk.

受動 - 移動の繰り返し (Passiviteit - herhaling van zetten)
Frans Hoogendijk: ‘Elke keer als mijn naam wordt genoemd in de pers, zoals nu, omdat ik tijdens een buitengewone bondsvergadering op 11 juli jl. werd voorgedragen als interim-voorzitter, komen de onterechte en door de Commissie van Beroep ontkrachtte beschuldigingen weer in de pers.

Commissie van Beroep van de Judobond Nederland
UITSPRAAK
Inzake: F.G.C. Hoogendijk tegen J. Post

Na overwegingen ten aanzien van de feiten en het recht heeft de President van de Rechtbank te Utrecht d.d. 6 maart 1996 in zijn vonnis o.a. in rechtsoverweging 4.5 het navolgende overwogen (samenvatting):

  • Bovendien kan niet worden uitgesloten dat ook Post enig verwijt treft voor deze breuk. Hij blijkt sinds 1994 in het bezit te zijn geweest van stukken, waarop hij zijn vermoeden en zijn beschuldigingen, dat er op onregelmatige wijze werd gedeclareerd, baseerde.
  • Volgens Post zijn deze stukken “toevallig” in zijn bezit gekomen. Hij heeft er vervolgens geen aannemelijke verklaring voor gegeven, waarom hij vervolgens tot eind 1995 heeft gewacht met het signaleren van het in zijn ogen ongewenste declaratiegedrag van Hoogendijk. De judobond kan Post dan ook op goede gronden het verwijt maken, dat hij dit niet eerder naar voren heeft gebracht.
  • De Commissie van Beroep wijst het verweer van Post, dat de betreffende declaraties “toevallig” in zijn bezit zijn gekomen als volstrekt onaannemelijk van de hand.
  • Idem ten aanzien van het overzicht representatiegelden. Hierin een aangedragen diner-bon van 505 gulden, die dateert van 29 januari 1993. Het verweer van verweerder (Post) dat de bon als vals moet worden beschouwd snijdt geen hout.
  • Post was, sinds de vergadering van 27 maart 1992, op de hoogte van gemaakte afspraken dat DB-leden vrije beschikking over hun budget hadden, mits de declaraties met bewijsstukken werden gestaafd. Bovendien heeft Post vanaf april 1992 t/m 1994 alle declaraties van klager (Hoogendijk) laten passeren zonder enige op- of aanmerking hetgeen op acceptatie van de nota’s duidt.
  • In een brief aan het Bondsbestuur (6 november 1995) waarin de inhoud van gesprekken tussen Post en Hoogendijk in de periode 8 november 1994 t/m 22 november 1994, heeft eerstgenoemde gedreigd tot het uiterste te gaan en iets naar buiten te brengen, waardoor de JBN en Hoogendijk schade zouden ondervinden als hij zijn zin niet zou krijgen inzake een ontslagprocedure van een employé van het Bondsbureau.
  • Etc.
  • Bovendien heeft Post, zoals op 10 februari 1997 in het Haarlems Dagblad, de publiciteit gezocht om Hoogendijk van fraude te betichten en zichzelf vrij te pleiten.
  • De Commissie is dientengevolge van oordeel, daargelaten de vraag of het declaratiegedrag van Hoogendijk te kwalificeren is als frauduleus - hetgeen de Commissie vooralsnog onbewezen acht - dat Post op ernstige wijze de belangen van de JBN geschaad heeft.
  • Bovendien is de Commissie van mening dat Post zich jegens Hoogendijk niet gedragen heeft naar hetgeen door de redelijkheid en billijkheid wordt verlangd, hetgeen gekwalificeerd dient te worden als een overtreding conform artikel 9 lid 2 van het Tuchtreglement (oud).
  • Voornoemde gedragingen zijn strafbaar en naar het oordeel van de Commissie dermate ernstig, dat zij de straf als bedoeld in artikel 21 lid 1 sub f van het Tuchtreglement (oud) van toepassing acht.

Mitsdien moet worden beslist als volgt:

  • III. De Commissie van Beroep uitspraak doende, vernietigt de bestreden uitspraak van de Tuchtcommissie d.d. 2 september 1996 en opnieuw rechtdoende, legt op aan Post de straf van royement van de JBN met onmiddellijke ingang.

Frans Hoogendijk reageert desgevraagd met: ‘Ik noem het een sportieve doodstraf.’

Soremade
Door sympathisanten is een crowdfunding-actie gestart om proceskosten van €2.000 bijeen te krijgen. Hoogendijk weet wel van de spontane actie maar zal zelf absoluut geen proces beginnen.

 

Laat een reactie achter

Door het invullen en verzenden van dit formulier, wordt je naam, e-mailadres, IP-adres en inhoud van je reactie bewaard in de database van ons content management system voor deze website. Alleen je naam en de inhoud van je reactie zijn zichtbaar voor de lezers van de website. De redactie/beheerder van deze website kan je per e-mail naar het door jou opgegeven e-mailadres door middel van een persoonlijk bericht een reactie geven.
Reactie toevoegen

Theme picker

Meest gelezen:

Theme picker