Met het uitkomen van het boek ‘Toen’ van Arend van Dam verschenen er eigenlijk twee boeken ineen. De auteur had plannen om verhalen te schrijven over rampen, maar ook over een aantal verloren gegane schepen. Van Dams uitgever raadde hem aan er één boek van te maken. Twintig verhalen werden het, bijvoorbeeld over een race met vliegtuig De Uiver naar Australië, over een woonwijk in Gouderak gebouwd op gifgrond, over ruïnes van kastelen en over grote stadsbranden.
Vorige maand mocht ik een lezing bijwonen van Annejet van der Zijl over haar boek ‘De zwevende wereld’. Uit haar verhaal bleek dat ze had genoten van de research voor dat boek, wellicht nog meer dan van het schrijven zelf. Arend van Dam is ook iemand van de research: voor zijn bekroonde boek De reis van Syntax Bosselman bezocht hij de kust van Afrika, Suriname, de Antillen en Amerika. En voor zijn nieuwe jeugdboek, ‘Toen’, reisde hij niet alleen naar Zeeland, maar onder andere ook naar Maleisië.
Twintig verhalen over gebeurtenissen die de geschiedenis veranderden en op de een of andere manier toch aan het collectieve geheugen zijn ontsnapt. Zo zijn er tijdens de Tweede Wereldoorlog zo’n zesduizend vliegtuigen boven ons land neergestort. De meeste op land, sommige ook in het water van bijvoorbeeld het IJsselmeer. Een van de toestellen die neerstortte in de Noord-Hollandse Kostverlorenpolder werd tachtig jaar later opgegraven. Van de Tsjechische bemanning, die voor de Geallieerden vloog, heeft alleen de piloot het overleefd. De vijf gevonden bemanningsleden werden uiteindelijk in het bijzijn van Tsjechische familieleden alsnog met militaire eer begraven. De opgraving was de uitvoering van een bergingsprogramma, dat de regering in 2018 had opgesteld.
Elk van de twintig verhalen omvat een kort geromantiseerde belevenis van het ongeluk met daarnaast een uitgebreid achtergrondverhaal. Bij het neerstorten van de bommenwerper in het Noord-Hollandse Nieuwe Niedorp lees je hoe het vliegtuig plots werd aangevallen door een Duits jachtvliegtuig en dat alleen de piloot zich met een parachute wist te redden.
In het verhaal over het KLM-toestel De Uiver lees je hoe het vliegtuig als tweede aankwam in een wedstrijd vliegen van Londen naar Melbourne. Een volgende vlucht verliep minder succesvol. In een enerverend gesprek tussen de gezagvoerder en de KLM-directeur Albert Plesman kreeg de piloot uitdrukkelijke opdracht om ondanks het slechte weer (nog slechter dan tijdens de eerste vlucht) door te vliegen. Dat werd de reizigers en de bemanning noodlottig: ze stortten neer in een Syrische woestijn.
In het voorwoord schrijft de auteur dat hij hoopt dat ‘Toen’ ondanks alle rampen toch geen droevig boek is geworden. Hij sluit het boek daarom af met een hoofdstuk over bijzondere en mysterieuze plekken in eigen land, zoals pingoruïnes en graancirkels. Ook met dit boek weet de schrijver de nieuwsgierigheid van de (jonge) lezer weer te prikkelen. En dat is razend knap.
Arend van Dam (Maassluis, 1954) debuteerde in 1989. Sindsdien schreef hij meer dan driehonderd kinderboeken. Veel van zijn boeken bevatten een historisch thema. Met illustrator Alex de Wolf werkte hij eerder samen voor ‘Lang geleden’, een serie over de geschiedenis.
De illustraties in dit boek zijn van Roland Sillem. TOEN is verschenen bij uitgeverij Van Holkema & Warendorf en kost € 18,99.
Illustraties
1. omslag van het boek
2. portret van de auteur, gemaakt door Chris van Houts
Recensie
Gerard van Os
Alle boekrecensies zijn ook terug te vinden op: www.vlaardingenleest.nl.
Dit is een bijdrage van het recensiecollectief. Lijkt het je leuk om ook een boek te bespreken voor De Vlaardinger, neem dan contact op met Hans Vrugt, eindredacteur van het collectief: hansvrugt@planet.nl