Historicus Arie de Klerk: 'Vlaardingen een rechtspersoon'

Over vermeend stadsrecht en een stukje bestuurscultuur

Over vermeend stadsrecht en een stukje bestuurscultuur

FLARDINGA - In de Middeleeuwen waren bestuur en rechtspraak vrijwel synoniem. West-Frisia, het latere Holland en zeker de streek die we kennen als Vlaardingen, waren nog dunbevolkt en werden bestuurd door de Duitse koning en zijn familie. Naarmate de bevolking toeneemt ontstaan graafschappen en nemen graven het bestuur op zich. Zo komt Vlaardingen onder bestuur van graaf Dirk III.

Leidend in de rechtspraak was het landrecht, eeuwenoud gewoonterecht met heel basale rechtsregels. Op enig moment ontstaan her en der handelsnederzettingen en gaat het landrecht wringen. Hun voorlieden geven te kennen behoefte te hebben aan organisatie en aan de mogelijkheid om op de ontwikkeling van de nederzetting te sturen. In overleg met de landsheer wordt daarom de nederzetting-in-ontwikkeling uit het plattelandsrecht gelicht en gaan voor dat gebied, de zogenaamde stadsvrijheid, meer toegesneden regels gelden. Het bestuur ervan wordt in handen gelegd van een stadsbestuur, bestaande uit een door de graaf benoemde schout (de rechter) en doorgaans zeven schepenen, als vonniswijzers. De schepenen worden gerekruteerd uit de lokale bevolking. De jurisdictie van het gerecht beperkt zich tot het gebied van de nederzetting. Men spreekt dan van stadsrecht. En zo krijgen diverse nederzetting in de dertiende eeuw stadsrecht.

Voor Vlaardingen lag dat anders. Op 14 mei 1273 maakt graaf Floris V met de toenmalige bewoners van de streek Vlaardingen de afspraak dat zij, vanwege de zeer ernstige wateroverlast waarvan in heel Delfland op dat moment sprake is, de Vlaardingervaart zullen aanleggen. In de begeleidende tekst spreekt de graaf van ‘oppidanis’. Daarmee erkent de graaf hen als contractpartner: mensen met wie je afspraken kon maken. En zo wordt Vlaardingen in 1273 een rechtspersoon: niet meer en niet minder. In ruil voor de aanleg van de vaart krijgen alle Vlaardingers: dorpelingen zowel als plattelandsbewoners vrijstelling van een aantal grafelijke lasten. Dat het alle bewoners betreft blijkt uit de grafelijkheidsrekeningen, waarin die posten voor Vlaardingen niet meer voorkomen. Eigenlijk ligt in de afspraak de bestuurlijke structuur van Vlaardingen besloten: in 1273 wordt geen gebied uit het omringend platteland gelicht, er wordt geen afzonderlijk gerecht ingesteld en Vlaardingen krijgt geen aanvullend, samenhangend pakket rechtsregels. Daarentegen krijgt niet de nederzetting Vlaardingen, maar heel Vlaardingerambacht ná 14 mei 1273 een eigen gerecht en vindt de uitbreiding van haar rechtsregels gefragmenteerd plaats. Zo wordt de tolvrijdom begin veertiende eeuw verleend, waarbij die vrijdom heel Vlaardingerambacht, dus zowel het dorp als het omringende platteland betreft.

Belangrijker dan de bestuursvorm van Vlaardingen, is de bestuurscultuur die zich daaruit heeft ontwikkeld. Het gerecht dat Vlaardingerambacht kort na 14 mei 1273 krijgt wordt in het leven geroepen om lieden te (kunnen) berechten die bij het graafwerk hun snor drukten om prioriteit te kunnen geven aan het werk op hun boerderij. Van dat gerecht mochten de Vlaardingers zelf de (land)schepenen aanwijzen en (zeker tot 1351) ook de schout. Het ambacht Vlaardingen beschikte daarmee over een hoge mate van zelfbestuur en bezat daarmee over zoveel bestuursmacht dat het niet taalde naar stadsrecht. Vlaardingen maakte zelf wel uit wat goed voor haar was, ook al komt dat haar meerdere keren op kritiek te staan op haar rechtspraak.

Tegelijk is het omgekeerde waar: de grafelijkheid beschikte lange tijd niet over de mogelijkheid om in het bestuur te interveniëren, ook niet via de opeenvolgende ambachtsheren. Rond 1380 verandert de status quo. Vanaf dan leveren de huizen Egmond en aansluitend Naaldwijk ambachtsheren Zij beschikken over ruime bestuurlijke ervaring en, belangrijker, zij worden krachtig gesteund vanuit de grafelijkheid onder het Beierse Huis. En daartegen legt het Vlaardingse bestuur het uiteindelijk af.

Onderzoek, tekst en fotografie
Arie de Klerk

Fotobijschrift
Stadhuis met Vrouwe Justitia, hier zonder het puntje van het zwaard

08-06-2026