VLAARDINGEN - Openbare besluiten uit de vergadering van het college van burgemeester en wethouders.
Bekrachtiging parafenbesluit vovo nareizigers Mrija
Het college van B&W heeft het parafenbesluit over vovo nareizigers Mrija bekrachtigd.
Toelichting:
Vlaardingen heeft de afgelopen jaren maximaal bijgedragen aan de opvang van Oekraïense ontheemden. Met opvanglocatie Mrija vangen we sinds 2023 ongeveer 1.000 Oekraïners op. Mrija is ontwikkeld voor moeders met kinderen en senioren. We zijn daarbij continu in gesprek met het Rijk, de regio en andere betrokken partijen om de opvang zo goed mogelijk te organiseren: veilig, humaan en uitvoerbaar. Tegelijkertijd speelt ook een ander publiek-maatschappelijk belang, namelijk de ontwikkeling van de afvalwaterzuiveringsinstallatie (AWZI). Dat betekent dat we de opvang in Mrija gefaseerd moeten afschalen. In verband met die afbouw zijn inmiddels ongeveer 250 ontheemden geïnformeerd dat zij elders ondergebracht of doorgeplaatst zullen worden. Dat is ingrijpend voor de mensen om wie het gaat én voor iedereen die de opvang draagt.
Tegen deze achtergrond speelt de huidige casus, die begrijpelijkerwijs veel emoties oproept. De voorzieningenrechter heeft op 22 december 2025 geoordeeld dat de gemeente opvang moet bieden aan twee nareizigers. Het college heeft deze uitspraak serieus genomen en de situatie zorgvuldig afgewogen, met oog voor het bredere belang van de Oekraïense bewoners op Mrija, de uitvoerbaarheid voor Vlaardingen en het belang van de gehele gemeente, en heeft uiteindelijk besloten deze twee personen niet op Mrija op te vangen.
Dit besluit is niet genomen uit onwil. Het is daarbij belangrijk te benadrukken dat het college deze uitspraak niet alleen bestuurlijk zwaar vindt, maar dat de strikte uitleg van de opvangverplichting in deze vovo in de praktijk niet uitvoerbaar is binnen de fysieke capaciteit, de regionale afspraken en het landelijke stelsel waarop gemeenten zijn aangesloten. Het gaat dus niet om onwil, maar om de grenzen van wat een gemeente verantwoord kan organiseren. De gemeente heeft simpelweg onvoldoende plekken om meer Oekraïners op te vangen. Het college wil voorkomen dat de opvang op Mrija verder onder druk komt te staan. Door het afschalen zijn er namelijk al minder opvangplekken beschikbaar dan voorheen het geval was. Mrija bevindt zich in een overgangsfase met regionale afspraken en toewijzingsregels die geen ruimte bieden voor nieuwe instroom. Extra instroom betekent, gegeven de beperkte capaciteit, dat andere Oekraïense ontheemden Mrija moeten verlaten om plek te maken voor deze nareizigers.
Het college vindt het niet uitlegbaar en niet verantwoord dat mensen die eerder te horen hebben gekregen dat zij mogen blijven op Mrija, alsnog moeten vertrekken om plaats te maken voor twee nieuwe personen die niet eerder op Mrija hebben verbleven. Vlaardingen voelt een verantwoordelijkheid voor de mensen die al in opvang zijn en aan wie duidelijkheid is gegeven.
In het verlengde hiervan heeft het college besloten ook geen alternatieve opvang onder verantwoordelijkheid van de gemeente Vlaardingen te organiseren. Het college ziet daarbij risico op precedentwerking. Wanneer opvang wordt geboden aan nareizigers op Mrija of via de gemeente, ontstaat het signaal dat instroom buiten de afgesproken kaders alsnog wordt gehonoreerd. Dat kan leiden tot een extra toename van nareizigers en daarmee tot extra druk op een systeem dat al zo onder druk staat. Opvang is bovendien meer dan alleen een verblijfplek: het vraagt om begeleiding, beheer, veiligheid, registratie en toegang tot voorzieningen. Dat kan alleen als de aantallen op te vangen Oekraïners beheersbaar zijn en de afspraken eerlijk en consequent worden toegepast.
De gemeente is daarnaast van mening dat zij ruimschoots bijdraagt aan de opvang door ruim 1000 (medio 2026 800) Oekraïense ontheemden binnen de gemeente op te vangen. Van de gemeente kan niet worden gevergd nog verdergaande, althans ruimere opvang, te realiseren. Dit levert een onevenredige last op voor de gemeente. Vlaardingen is en blijft hierover uiteraard in gesprek met de regionale en landelijke partners en brengt de knelpunten die uit deze situatie blijken onder de aandacht, met als doel te komen tot een praktische, uitvoerbare aanpak die recht doet aan zowel de zorgplicht van de gemeente als de grenzen van wat lokaal verantwoord georganiseerd kan worden.
Beantwoording artikel 34-vragen van de heer Boers (Heel de Stad) over ‘Uitsluiting rechtenraad’
Het college van B&W heeft de beantwoording artikel 34-vragen van de heer Boers (Heel de Stad) over ‘Uitsluiting rechten raad’ vastgesteld.
Toelichting:
In de beantwoording geeft het college aan dat tijdens de raadsvergadering op 5 en 6 november 2025 geen sprake is geweest van uitsluiting van rechten van raad of raadsleden. De fractie van Heel de Stad heeft de talrijke moties en amendementen zelf ingetrokken.
Beantwoording artikel 34-vragen van de heer De Man (fractie SP) over de poller Westhavenkade
Het college van B&W heeft de beantwoording artikel 34-vragen van de heer De Man (fractie SP) over de poller Westhavenkade vastgesteld.
Toelichting:
Het college licht in de beantwoording toe dat de gemeente verantwoordelijk is voor de werking van de pollers (inzinkbare beveiligingspaaltjes). Uit navraag bij onze onderhoudsaannemer blijkt dat er geen storing is geweest en dat de pollers naar behoren functioneerden. Daarnaast is contact geweest met de betrokken hulpdiensten. Daaruit blijkt dat de bestuurders van het eerste voertuig, dat voor de poller stond, vanwege de urgentie van het incident zijn uitgestapt en enkele meters naar het incident zijn gerend. Omdat er op dat moment niemand meer in het voertuig zat, werden de andere hulpdiensten daar tijdelijk door gehinderd.
Beantwoording artikel 34-vragen van Heel de Stad over ‘Misstanden op het Vlaardingse stadhuis’
Het college van B&W heeft de beantwoording artikel 34-vragen van Heel de Stad over ‘Misstanden op het Vlaardingse stadhuis’ vastgesteld.
Toelichting:
In de beantwoording benadrukt het college dat signalen over sociale veiligheid en organisatiecultuur serieus worden genomen en zorgvuldig worden gewogen op basis van het totaalbeeld van beschikbare feiten, onderzoeken en rapportages. Anonieme signalen maken het lastig om gericht bij te sturen, juist omdat uit zowel interne als externe onderzoeken blijkt dat sprake is van individuele meldingen en niet van structurele problematiek. Het college acht het onjuist en onwenselijk om deze signalen te presenteren als wijdverbreid, omdat dit geen recht doet aan de inzet en professionaliteit van de ambtelijke organisatie. Om signalen zorgvuldig te kunnen beoordelen en waar nodig gericht te verbeteren, zijn meerdere formele en onafhankelijke meld- en gesprekskanalen ingericht en wordt actief ingezet op diversiteit en inclusie. Dit blijft ook de komende jaren een structureel aandachtspunt, met als doel een veilige, professionele en lerende organisatie te blijven.
Beantwoording artikel 34-vragen van dhr Boers en dhr Van der Bie (fractie Heel de Stad) over ‘Begroting als badwater’
Het college van B&W heeft de beantwoording artikel 34-vragen van dhr Boers en dhr Van der Bie (fractie Heel de Stad) over ‘Begroting als badwater’ vastgesteld.
Toelichting:
Het college geeft in de beantwoording aan dat de begroting van de gemeente realistisch is en transparant is opgesteld, volledig binnen de kaders die door de raad zijn meegegeven. Het college kijkt met open vizier naar de financiële toekomst, bewaakt risico's, werkt continu aan de kwaliteit van de P&C-producten en heeft op basis daarvan vertrouwen in de betrouwbaarheid van de huidige prognoses.
Wat betreft de begrotingen van ROGplus en de GRJR geldt dat deze zorgvuldige zijn verwerkt op een manier die door de Provincie akkoord is bevonden. Er is voldoende ruimte gereserveerd in de begroting om deze bijstelling op te vangen, zodat de begroting realistisch en sluitend bleef zonder vooruit te lopen op nog niet definitieve wijzigingen. De Provincie toetst of de begroting realistisch sluitend is en rapporteert haar bevindingen aan de raad.
Beantwoording artikel 34-vragen van de heer Van Vugt (ONS.Vlaardingen) over ‘Verkeer en Buitenruimte’
Het college van B&W heeft de beantwoording artikel 34-vragen van de heer Van Vugt (ONS.Vlaardingen) over ‘Verkeer en Buitenruimte’ vastgesteld.
Toelichting:
In de beantwoording gaat het college in op de verschillende onderwerpen die ONS.Vlaardingen heeft aangekaart. Zo licht het college toe hoe de Oosthavenkade als 30-km zone ingericht is en welke afwegingen er zijn gemaakt voor beplanting rondom speelplekken. Ook geeft het college aan dat er een verkeersveiligheidsonderzoek komt waarvan de uitkomsten aanleiding kunnen zijn om op diverse plekken extra maatregelen te nemen om de verkeersveiligheid te vergroten.
Beantwoording artikel 34-vragen van de heer van der Bie over de sanering van de Broekpolder
Het college van B&W heeft de beantwoording artikel 34-vragen van de heer van der Bie over de sanering van de Broekpolder vastgesteld.
Toelichting:
In de beantwoording licht het college de gevolgde procedure toe. Ook geeft het college in de beantwoording aan dat er momenteel nader onderzoek plaatsvindt. Met de uitkomsten van dit onderzoek kan de gemeente in overleg met de DCMR bepalen welke maatregelen getroffen moeten worden om het asbestcement uit de Broekpolder te verwijderen. Om onnodige vertraging van het project te voorkomen, gaan de voorbereidende werkzaamheden voor de sanering en groene herinrichting van een deel van de Broekpolder inmiddels door. De grond waarin de delen met asbestcement gevonden zijn, ligt binnen het werkterrein dat afgezet is met hekken.
Beantwoording artikel 34-vragen van dhr. Stevens (CDA) over de Vergunningsaanvraag voor het slopen van de Vettenoordsekade 5 Vlaardingen
Het college van B&W heeft de beantwoording artikel 34-vragen van dhr. Stevens (CDA) over de Vergunningsaanvraag voor het slopen van de Vettenoordsekade 5 Vlaardingen vastgesteld.
Toelichting:
In de beantwoording licht het college toe dat er voldoende ambtelijke inzet beschikbaar is voor de taken op het gebied van monumentenzorg. De gemeente werkt met behulp van de nieuwe erfgoedverordening aan aanwijzing van nieuwe gemeentelijke monumenten. Daarbij kijkt de gemeente naar panden met een hoge score op de lijst met beeldbepalende panden. Daarnaast wil de gemeente mogelijk in de toekomst ook panden die gebouwd zijn na 1965 aanwijzen als monument. Op de vraag naar betrokkenheid van de Historische Vereniging Vlaardingen (HVV) bij Vettenoordsekade 5, geeft het college aan dat de HVV wel betrokken was bij de totstandkoming van de lijst met beeldbepalende panden, maar per abuis niet betrokken is bij de toekomst van de Vettenoordsekade 5. In het vervolg zal de gemeente de vereniging als gewaardeerde partner in de stad, weer betrekken.
Beantwoording artikel 34-vragen van mevrouw Nadir (fractie SP) over ‘AOW-tegoed voor ouderen’
Het college van B&W heeft de beantwoording artikel 34-vragen van mevrouw Nadir (fractie SP) over ‘AOW-tegoed voor ouderen’ vastgesteld.
Toelichting:
Het college heeft de artikel 34-vragen van de SP-fractie over ‘AOW-tegoed voor ouderen’ beantwoord. Daarbij is aangegeven dat invoering van een nieuw, structureel tegoed ten koste zou gaan van bestaande regelingen en daarom niet past binnen de huidige financiële kaders.
Beantwoording artikel 34-vragen van de heer Gulseren (Groenlinks) over ‘Noodpakketten voor kwetsbare inwoners’
Het college van B&W heeft de beantwoording artikel 34-vragen van de heer Gulseren (Groenlinks) over ‘Noodpakketten voor kwetsbare inwoners’ vastgesteld.
Toelichting:
In de beantwoording licht het college toe hoe de gemeente inzet op vroegsignalering, bestaande ondersteuning en een zorgvuldige afweging van aanvullende maatregelen.
Horeca- en evenementenbesluit Vlaardingen 2026
Het college van B&W heeft:
Het Horeca- en evenementenbesluit Vlaardingen 2026, voor zover het de bevoegdheden van het college betreft, vastgesteld.
Het raadsmemo bij het Horeca- en evenementenbesluit Vlaardingen 2026 vastgesteld.
Toelichting:
Met de vaststelling van het nieuwe Horeca- en evenementenbesluit Vlaardingen 2026 wordt het mogelijk gemaakt dat de verruimde terrassen ten tijde van de coronaperiode met het Ondersteuningsplan behouden blijven waar mogelijk, en ook aan nieuwe aanvragers van horecaterrassen de mogelijkheid tot verruiming van de terrassen geboden wordt.
Vaststellen deelomgevingsprogramma Duurzame Mobiliteit
Het college van B&W heeft het deelomgevingsprogramma Duurzame Mobiliteit vastgesteld.
Toelichting:
De conceptversie is besproken in de raadscommissie, waarna een deel van de adviezen uit de raad is overgenomen. De raad wordt apart geïnformeerd over welke adviezen zijn meegenomen. Het programma brengt de kansen in beeld voor het verduurzamen van mobiliteit. Door mobiliteit te verduurzamen zetten we ons in voor het welzijn van onze inwoners, een mooie openbare ruimte en het klimaat. Het programma is een uitwerking van de Omgevingsvisie Vlaardingen, welke eerder is vastgesteld.
Allonge intentieovereenkomst Dillenburgsingel
Het college van B&W heeft de allonge bij de intentieovereenkomst Dillenburgsingel vastgesteld.
Toelichting:
De samenwerking met de Zonnehuisgroep en Waterweg Wonen voor de ontwikkeling van de zonnehuislocatie aan de Dillenburgsingel is met een jaar verlengd. De looptijd van de tussen de partijen gesloten intentieovereenkomst voor de ontwikkeling liep tot 31 december 2025. Omdat de fase van de werkzaamheden voor de IOK nog niet zijn afgrond, wordt voorgesteld met aanvullende afspraken (een allonge) te verlengen met een jaar. Partijen zoeken in deze fase naar een goede invulling voor de locatie waarmee de zorg op die plek op een goede duurzame manier kan worden gecontinueerd.
Bekrachtiging Parafenbesluit inzake aanwijzing GS art. 99 Wgr - regionale samenwerking woonruimteverdeling
Het college van B&W heeft het parafenbesluit ter vaststelling van het Raadsmemo inzake de aanwijzing van Gedeputeerde Staten op grond van artikel 99 Wet gemeenschappelijke regelingen bekrachtigd.
Toelichting:
Het college van burgemeester en wethouders heeft een raadsmemo vastgesteld over de aanwijzing die Gedeputeerde Staten hebben gegeven op grond van artikel 99 van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Met deze aanwijzing wordt de gemeente Ridderkerk verplicht om weer deel te nemen aan de regionale samenwerking voor woonruimteverdeling in de woningmarktregio Rotterdam, en worden de overige gemeenten, waaronder Vlaardingen, verplicht deze toetreding mogelijk te maken. Het besluit van Gedeputeerde Staten bevestigt het belang van regionale samenwerking bij de verdeling van schaarse betaalbare woningen en sluit aan bij het bestaande beleid en de huidige praktijk van Vlaardingen.
Instemming gezamenlijke reactie SvWrR op aanwijzing GS (art. 99 Wgr) en machtiging wethouder voor ondertekening
Het college van B&W heeft met de gezamenlijke reactie van het Samenwerkingsverband Wonen regio Rotterdam (SvWrR) op de aanwijzing van Gedeputeerde Staten op grond van artikel 99 Wet gemeenschappelijke regelingen ingestemd.
Toelichting:
Gedeputeerde Staten hebben de gemeenten in de woningmarktregio Rotterdam een aanwijzing gegeven op grond van artikel 99 Wet gemeenschappelijke regelingen om de regionale samenwerking op het gebied van woonruimteverdeling te herstellen. In reactie hierop heeft het Samenwerkingsverband Wonen regio Rotterdam (SvWrR) een gezamenlijke reactie opgesteld. In deze reactie wordt bevestigd dat de regiogemeenten zich blijven inzetten voor een regionaal woonruimteverdelingssysteem. Tegelijkertijd wordt geschetst dat de hoge woningdruk ertoe leidt dat er in de praktijk vaak weinig tot geen ruimte is om voorrang toe te passen voor reguliere woningzoekenden met lokale binding. In dat kader stelt SvWrR voor om gezamenlijk met Gedeputeerde Staten richting het Rijk op te trekken om te bezien of de huidige, landelijk vastgestelde criteria voor 'binding' beter kunnen worden afgestemd op de uitvoeringspraktijk in sterk gespannen woningmarkten.
Beleidsregels toezicht en handhaving kinderopvang gemeente Vlaardingen 2026
Het college van B&W heeft de beleidsregels toezicht en handhaving kinderopvang gemeente Vlaardingen 2026 vastgesteld.
Toelichting:
De gemeente Vlaardingen is op grond van de Wet kinderopvang (Wko) verantwoordelijk voor het toezicht, de handhaving, registratie en kwaliteitsborging van kinderopvangvoorzieningen. Het college heeft nieuwe beleidsregels voor haar taak toezicht en handhaving kinderopvang vastgesteld. Houders van kinderopvang, gastouderbureaus en relevante partners worden actief geïnformeerd over de wijzigingen en de gevolgen voor hun praktijk. Daarnaast ontvangen zij een toelichting op de belangrijkste veranderingen en op de manier waarop het college het nieuwe beleid toepast. Met deze regels beoogt het college een helder, actueel en uitvoerbaar kader te bieden voor de handhaving van de kwaliteitseisen uit de Wet kinderopvang.
Verlening volmacht aan Coöperatief Beheer Groengebieden Midden Delfland (CBG)
Het college van B&W heeft:
Tot het verlenen van een volmacht aan de coöperatieve vereniging Coöperatief Beheer groenbeheer Midden-Delfland U.A. om met betrekking tot de door haar beheerde gronden, waarvan de gemeente Vlaardingen vol eigenaar dan wel bloot eigenaar is, alle rechtshandelingen te verrichten waartoe een grondeigenaar bevoegd is, met uitzondering van het in volle eigendom overdragen van die gronden, de daarvoor benodigde besluiten namens de gemeente te nemen en de gemeente te vertegenwoordigen besloten.
Waar de onder 1 bedoelde rechtshandelingen het vestigen van een erfpachtrecht inhouden, met het afwijken van het erfpachtbeleid van de gemeente door de condities waaronder die erfpacht door de coöperatie namens de gemeente als grondeigenaar wordt gevestigd ingestemd.
Toelichting:
In het verleden beheerde het Recreatieschap Midden-Delfland (RMD) de gronden binnen het groengebied Midden-Delfland. Dat deed het RMD als eigenaar of als beperkt zakelijk gerechtigde (bijvoorbeeld als erfpachter). Met de beëindiging van het RMD zijn de gronden overgedragen aan de gemeenten waarbinnen deze gronden zijn gelegen. De deelnemende gemeenten hebben diverse uitvoerende taken ten aanzien van deze gronden neergelegd bij een daarvoor opgerichte beheerorganisatie, de coöperatieve vereniging Coöperatief Beheer groengebieden Midden-Delfland U.A. (CBG). Om ervoor te zorgen dat de CBG gemachtigd is voor het uitvoeren van beheertaken zoals het sluiten van gebruiksovereenkomsten (huur en pacht) en het vestigen van zakelijke rechten zoals erfpacht en opstalrecht, is een volmacht nodig.
Raadsmemo armoedemonitor 2025
Het college van B&W heeft het raadsmemo armoedemonitor 2025 vastgesteld.
Toelichting:
De tweejaarlijkse Armoedemonitor van het Kenniscentrum brengt de ontwikkeling van armoede, schulden en bestaansonzekerheid in Maassluis, Vlaardingen en Schiedam in beeld. De Armoedemonitor 2025 laat zien dat armoede, schulden en bestaansonzekerheid in de MVS-regio toenemen door economische ontwikkelingen. Wel zijn het bereik en de effectiviteit van de schuldhulpverlening in onze gemeente goed. Het college benut de inzichten uit de Armoedemonitor voor het verder vormgeven van het armoede- en schuldenbeleid.
Raadsvoorstel tot vaststellen tot Nota Grondbeleid 2026-2030
Het college van B&W heeft het raadsvoorstel tot vaststellen tot Nota Grondbeleid 2026-2030 vastgesteld.
Toelichting:
Deze nota is de actualisatie van de Nota Grondbeleid 2022. De financiële verordening schrijft voor dat er iedere vier jaar een geactualiseerde nota grondbeleid wordt vastgesteld. Actualisatie is ook nodig door de gewijzigde wet- en regelgeving door de invoering van de Omgevingswet op 1 januari 2024. Daarnaast heeft de gemeenteraad op 12 juni 2025 de Omgevingsvisie Vlaardingen 2040 vastgesteld. Hierin worden ambities en beleidsdoelen van de gemeente Vlaardingen voor de fysieke leefomgeving voor de lange termijn weergegeven. Het grondbeleid geeft richting aan de wijze waarop de gemeente acteert bij ruimtelijke ontwikkelingen.
Raadsvoorstel Beeldkwaliteitsplan nieuwe afvalwaterzuiveringsinstallatie (AWZI)
Het college van B&W heeft het raadsvoorstel Beeldkwaliteitsplan nieuwe afvalwaterzuiveringsinstallatie (AWZI) vastgesteld.
Toelichting:
Het college heeft de gemeenteraad voorgesteld het beeldkwaliteitsplan voor de nieuwe afvalwaterzuiveringsinstallatie (AWZI) vast te stellen. In dit plan zijn de uitgangspunten vastgelegd voor de ruimtelijke en architectonische kwaliteit van de nieuwe installatie op bedrijventerrein Vergulde Hand West. Het beeldkwaliteitsplan dient als toetsingskader bij de verdere uitwerking en vergunningverlening en is tot stand gekomen in samenwerking met het Hoogheemraadschap Delfland, de commissie omgevingskwaliteit en belanghebbenden uit de omgeving.
Raadsbijeenkomsten
Het college van B&W heeft het raadsmemo Lange Termijn Agenda januari 2026 vastgesteld.